Vrije academie

Home Contact Vrije academie Cursussen Kalender Nieuwsbrief Opendeurdag Lezing Aquarel - techniek

Schets


We beginnen een aquarel steeds met een schets, daarbij abstraheren we het onderwerp tot zijn essentiële vormen. We tekenen geen details, aquarelleren blijft schilderen, we maken dus geen kleurboek van onze schets.

    

Wit plannen

Het meest typische aan aquarel is dat het wit ontstaat door het zichtbaar laten van het witte papier. Een goede planning is dus noodzakelijk, er is immers geen correctie mogelijk. Enkel op zwaar en sterk papier kan men hier of daar wat verf wegkrabben of wegwassen.


Als we de helderheid van de drager maximaal willen gebruiken moeten we dus op voorhand beslissen welke delen we niet zullen schilderen, en welke enkel een lichte wassing krijgen. Voor het uitsparen kunnen we maskeervloeistof aanbrengen. Deze rubberachtige vloeistof brengen we aan met een apart, goedkoper penseel.

Als het werkstuk af is, halen we de markeervloeistof weg en komen de uitgespaarde delen te voorschijn.


Achteraf kunnen bepaalde accenten nog met witte verf opgelicht worden. Traditioneel wordt dit niet aanvaard. Iedereen beslist hier voor zichzelf. Maar beperk je wel tot een paar accenten of retouches.


Verborgen harmonie

Bij het aquarelleren is spontaan schilderen belangrijk en het werken met contrasten in licht en donker.

  

Kleuren


Kleurenkennis is bij het aquarelleren zeer belangrijk. De verf wordt in transparante lagen, de ene over de andere aangebracht. De verschillende kleurlagen mengen zich met elkaar, een dunne laag blauw over geel zal bijvoorbeeld groen worden.


We werken steeds van licht naar donker. Dat wil zeggen, we beginnen steeds met de lichtste kleuren, waarna we steeds donkerder werken.


Om de verf uit de tube of van het blokje te verbleken voegen we water toe, om te verdonkeren gebruiken we zo weinig mogelijk water, dus zo sterk mogelijk geconcentreerde verf of voegen we zwart toe.


Schaduwen maken we door aan de kleur een klein beetje van de complementaire kleur toe te voegen.

De schaduw van een gele muur maken we bijvoorbeeld door aan het geel een beetje paars (rood + blauw) toe te voegen. Dit komt zeer natuurlijk over en werd voor het eerst toegepast door Delacroix.


Het heeft geen zin om veel kleurtjes te kopen. Beter is het om de eigen kleuren goed te leren kennen door er mee te experimenteren. Je kan je eigen kleurenpalet wel samenstellen volgens de onderwerpen die je meestal kiest. In de handel worden ook themapaletten aangeboden.

    

Technieken

  

Verwassen

Verwassen is het verven met veel water en weinig verf, bijvoorbeeld voor de hemel.

Hiervoor wordt de plank een beetje schuin gelegd en wordt er met een dik penseel in horizontale bewegingen van beneden naar boven of van boven naar beneden geschilderd.


In het verwassen kan je ook variatie aanbrengen, je kan de kleur laten verlopen door er steeds meer water aan toe te voegen, of 2 kleuren in elkaar laten overlopen.  

   

Nat in nat

Bij deze techniek schilder je op nat papier en wordt de verf onmiddellijk in het natte papier gezogen, en loopt ze enigszins uit. De verschillende kleuren die je aanbrengt lopen in elkaar over, en er zijn geen scherpe lijnen. Je schildert spontaan, het kan goed of slecht uitvallen.  

Nat in nat schilderen is vergelijkbaar met impasto, in die zin dat je het werkstuk in één keer moet afwerken, het is niet te corrigeren. Uitsparen van witte delen is moeilijk, eventueel kan je verf wegnemen met de spons.

   

Nat op droog

De naam zegt het zelf al, bij deze techniek schilder je op droog papier. Het is gelaagd schilderen met transparante verflagen, van licht naar donker, dus eerst lichte kleuren en later donkere kleurtoetsen. Deze techniek is te vergelijken met het glaceren bij olieverf.


Je kan bij deze techniek ook monochroom werken. Dit is een ideale oefening voor het aanbrengen van contrast, licht en donker en het toepassen van uitsparen. Achteraf kan er een kleurlaag over geschilderd worden, let wel op dat je de witte delen bij deze kleurlaag ook uitspaart.


Afspoelen

Afspoelen is het wegnemen van verf met een natte spons of keukenpapier. Dit kan enkel op goed en dik papier.


Dit zijn de belangrijkste technieken bij het aquarelleren. Er zijn er nog meer zoals het werken met droog penseel. Verder zijn er ook speciale effecten zoals spatten, met zout werken, schrappen en vloeipapier in de natte verf leggen. En je kan ook structuur aanbrengen met schuurpapier of door het gebruik van waskrijt.  

Aquarelleren is  schilderen met een waterverdunbare transparante verf op papier.

 

Er zijn verschillende technieken in het aquarelleren, maar voor we zelfs maar beginnen, moeten we ons werkstuk plannen.

Cursus aquarel

Aquarel materiaal

Aquarel - wat is het?